Zelhemse tak

H.J.Radstake

Generatie I

I  JOOST RATSTAECK, geb. ??, overl. ??, tr. ??
Uit dit huwelijk:
1. DERCK, geb. ??, overl. ZELHEM, sept/oct.? 1721.....................................volgt............II .

 


Generatie II

II  DERCK RATSTAECK, geb ??, overl. ZELHEM, Sept/Oct 1721, tr.verm.1713, ELSKENLETTINK
Uit dit huwelijk:
1. HENDRICK, geb. ZELHEM, 13 -1-1714 (zoon van DERCK JOOSTEN RADSTAAK (onecht)
2. BARENDYNA, geb. ZELHEM, 12-9-1716 (dochter van DERCK RATSTAECK)
3. JANNA, geb. ZELHEM, 31-3-1718 (dochter van DERCK RATSTAKE)
4. HERMANUS, geb. ZELHEM, 8-7-1719 (zoon van DERCK RATSTAKE)
5. DERCK, geb ZELHEM, 16-2-1721 (zoon van DERCK RATSTAECK) volgt ...............III.

 


Generatie III

III  DERCK RADSTAKE, geb.ZELHEM,16-2-1721, overl. ZELHEM, begr. ZELHEM 13-1-1801, tr.(1)
verm. VARSSEVELD ca.1750 BERENDJE WEENINGS,geb. ? ca. 1730, begr. ZELHEM 26-4-1783.
Uit dit huwelijk:
1. WILM, geb. VARSSEVELD 1-8-1751, overl. VARSSEVELD 3-11-1751.
2. HERMINA, geb. VARSSEVELD, 14-1-1753, overl. VARSSEVELD, 5-10-1804, tr.
    VARSSEVELD, 5-6-1774, GERHARDUS BUSSINK, overl. VARSSEVELD, 17-7-1809, zn.
    van WILLEM BUSSINK.
3. HENDRICA, geb. VARSSEVELD 7-3-1755, tr. DREMPT 21-11-1783 DERK LANKWARDEN,
    zn. van CORNELIS LANKWARDEN.
4. JOOST, geb. ZELHEM 8-4-1757, overl. ZELHEM 23-7-1820, tr.(1) verm. ZELHEM 8-5-1784
    LUMMEKEN WASSINK, geb. ZELHEM 2-9-1764, overl. verm. ZELHEM 29-7-1790, dr. van WILLEM WASSINK en AALTJE
    ASSINK, tr.(2) verm. ZELHEM 26-12-1790 WILLEMIENA BLOEMEN, dr.van BEREND BLOOMEN.
                                                                                           zie vervolg
5. JAN, geb. ZELHEM 15-5-1759, overl. HENGELO(G) 13-2-1821, tr.HENGELO(G) 3-9-1797 TEUNE HARMSEN, geb. HENGELO,
    29-7-1770, overl. verm. HENGELO, 23-6-1832, dr. van HENDRIK JAN HARMSEN en BERENDJEN JANSEN
                                                                                            zie vervolg
6. WILMINA, geb. ZELHEM 20-9-1761.
7. AALTJEN, geb. ZELHEM 18-3-1764.
8. .ALOF, geb. ZELHEM 15-6-1766, overl. ZELHEM 23-10-1848, tr.(1)ZELHEM 9-5-1790 GARRITJEN BUUNK, geb. ??,
     overl. verm. ZELHEM, 17-4-1811, dr. van HENDRIK BUUNK, tr.(2), verm. ZELHEM, DERSE  HILFERINK, geb, ZELHEM,
     1-6-1779, overl. verm. ZELHEM, 21-6-1841, dr.van WILLEM HILFERINK en HENDERSE EELDERINK..
                                                                                              zie vervolg
9. WILLEM, geb. ZELHEM 22-5-1768, overl. ZELHEM 20-2-1842, tr. ZELHEM, 6-3-1796
    FREDERIKA TUENTER, geb. VARSSEVELD, 22-2-1769, overl. verm. ZELHEM, 17-12-1943, dr. van DERK
    TUENTER.                                                                        zie vervolg
10. HERMANNA, geb. ZELHEM 1-5-1771, overl. verm. A-DOETINCHEM 25-4-1829 tr.(1) ZELHEM 22-1-1792 ALOF NIJEMAN,
      zn.van GARRIT NIJEMAN, tr.(2) verm. A-DOETINCHEM 28-10-1795 GERRIT JAN MELLINK, geb. A-DOETINCHEM
     20-10-1765, overl. A-DOETINCHEM 24-8-1829, zn. van TEUNIS MELLINK en MARGARETHA WIJMELINK.
11 ELSKEN, geb. ZELHEM 27-10-1773, overl. verm. A-DOETINCHEM 6-5-1832,tr.(1) ? 27-2-1799 BEREND SCHOLTEN, tr.(2)
     DOETINCHEM 22-7-1800 HENDRIK JAN HISSINK, geb. ZELHEM 19-9-1774, zn. van SANDER HISSINK en MARIA
     KOLEWAY.

 * DERK RADSTAKE, tr.(2) ZELHEM 6-5-1781 GEESKEN ZOMPZEN, dr. van FREDERIK ZOMPZEN en DERKSKEN
    LAMMERS .Ze komt uit VARSSEVELD en is weduwe van DERK TUUNTER.
 

OPMERKINGEN N.A.V. bovenstaande vermeldingen:

Aangezien zijn eerste kind HENDRICK als zoon van DERCK JOOSTEN RADSTAAK vermeld staat, neem ik aan, dat zijn vader JOOST geheten heeft.
DERCK, geb. op 16-2-1721, moet het laatste kind zijn van DERCK RADSTAECK en ELSKEN LETTINCK, met wie hij vermoedelijk in 1713 getrouwd is.Dit n.a.v. de volgende vermelding in invent.nummer 924 (richterambt ZELHEM) van het Rijksarchief in ARNHEM, VAN 4 0KT 1721:

"Garrit Garverdinck is oom en bloetmomboir van de twee onmundige naegelaetene kinderen van wijlen DERCK RATSTAECK bij sijne nogh levende weduwe ELSKEN LETTINCK."
"geproduceert voorts BERENT GHEEESINCK geauctoriseerde momboir, en hebben sich beyde ingelaeten, en momboirschap verborght om sich te gedraegen als momboiren behoort, daervoor yder sigh in solidum verbindende als één voor alle en alle voor ééne, om te sijnentijt de kinderen mundigh geworden sijnde, weeten waervoor sij hebben te spreeken, gelijck bij inventaris en opgerighte mogescheydt te sien en hebben beyde daarop gestipuleert als reghters."

Van de vijf kinderen van het echtpaar RADSTAECK/LETTINCK waren er dus bij het overlijden van de vader nog maar twee in leven, nl. de jongste DERCK, en één van de andere vier.